Niet meer klein te krijgen

//Niet meer klein te krijgen
Wie zijn toch die mensen aan wie Tools To Work haar tools toevertrouwt?
Voor Tools To Work bezocht Wies Kalsbeek de mensen achter de projecten in Afrika waaraan wij gereedschappen hebben geleverd.

Niet meer klein te krijgen
John Tumwebaze – ASOD

Door Wies Kalsbeek

“Ik ben 42 jaar”, zegt John. “Oh nee, ik ben 45, want ik ben in 1972 geboren. Wat ben ik al oud! In Oeganda is dit de gemiddelde leeftijd waarop mensen doodgaan. Mijn vader heeft dit niet eens gehaald. Hij stierf toen ik een jongetje van vijf jaar was. Hij brak zijn been door een val van de fiets en een paar dagen later overleed hij. Raar dat iemand daardoor doodgaat”, zegt hij alsof dit nu pas tot hem doordringt.

Ziekte en lijden

“Ik heb nooit genoten van mijn jeugd”, vertelt John verder. “Het is een periode van ziekte en lijden. Mijn ouders gingen scheiden en bij mijn stiefmoeder had ik het slecht, vooral nadat mijn vader was overleden. Toen ik zeven jaar was, liep ik bijvoorbeeld dagelijks tien kilometer om water te halen. Eigenlijk was ik als lagereschoolkind al dakloos. Ik heb in die periode drie jaar onderdak gevonden bij een kerk, maar hier werd ik gepest en geslagen. Daarbij was ik vaak ziek, ik had onder andere meerdere malen malaria. Ik heb als kind ook een keer pillen zomaar in mijn oren gestopt. Dit was zo pijnlijk. Ik had op de een of andere manier veel bewondering voor de dokter die mij in die tijd regelmatig behandelde. En dit heeft mede mijn toekomst bepaald.”

Namara Loy

John: “Gelukkig had ik op school een lieve juf, Namara Loy heet ze. En omdat ik goed kon leren gaf ze me af en toe stiekem boeken mee. En toen ze vervangend schooldirecteur werd, mocht ik zonder schoolgeld te betalen naar de middelbare school. Ik was het eerste weeskind van die kerk dat naar de middelbare school ging! Ik moest iedere dag zeventien kilometer lopen en daarom mocht ik gelukkig al vrij snel bij juf Namara thuis wonen. Maar toen ze in ons district afgevaardigde werd bij de landelijke overheid stond ik op straat. Ik had geen geld en had maar een wens: dokter worden. Zo’n dokter die mij behandelde toen ik klein was. Maar de weg daarnaartoe was lang en verschrikkelijk. Ik sliep op straat, bedelde, gokte, begon een bedrijfje. Ik probeerde alles om aan geld te komen, om te overleven. Sommige dingen lukten goed, mensen gunden me wel wat.”

Moeder

“In die periode ging ik ook mijn moeder zoeken. Ze bleek net weggelopen te zijn van de man die haar mishandelde en woonde alleen met vier van haar kinderen. Ze had niet eens geld om hen te kleden. In plaats van hulp van haar te krijgen, beloofde ik haar te helpen. Ik bleef bij haar en toen het geld vinden langzaam leek te lukken, kocht ik als eerste keukenspullen voor haar.
“Ik wilde zo graag weer naar school”, zegt John met een diepe zucht. “Daarom verkocht ik twee van mijn moeders geiten. Met dat geld kon ik me inschrijven bij een verpleegsterscursus. Deze was betaalbaar en duurde maar zes maanden. Ik probeerde die tijd zo’n twee tot drie dagen per week naar school te gaan, de rest van de tijd was ik druk met inkomen verwerven. Het lukte me goed om bij te blijven op school. Maar de afstand van mijn moeder tot de school was dertig kilometer. Dit kostte veel tijd en energie.”

Dokter worden

“Zes maanden later ging ik, met mijn certificaat op zak, werk zoeken. Bij iedere sollicitatie kreeg ik te horen dat ik, vanwege mijn hoge cijfers, door moest studeren. Dit stimuleerde mij om verder te vechten. Ondertussen zocht en vond ik overal verpakkingsmateriaal. Dit maakte ik schoon en mooi en stopte er medicijnen in. Deze mooi verpakte medicijnen verkochten goed. En zo kreeg ik geld voor mezelf. Ik besloot in Kampala bij de minister van Gezondheid aan te kloppen. Hij gaf mij een brief mee voor een kliniek die mij zou kunnen steunen. Drie maanden ben ik iedere week naar die kliniek gereisd om een opleiding werk te krijgen, maar zonder resultaat. Toen heb ik me opnieuw bij de minister gemeld. Dit leidde tot een studiebeurs waarmee ik nursing officer kon worden. Dit traject heb ik in twee jaar afgerond met alweer hele goede cijfers. En toen kon ik dan eindelijk aan mijn doktersopleiding beginnen! In 2001 ben ik afgestudeerd.

schoolgebouw

jongens met gereedschap in de timmerwerkplaatsZelf doen

John Tumwebaze is de initiatiefnemer en drijvende kracht achter ASOD (Action to Support Orphans and Disadvantages) en het MTI (Millenium Training Institute). Zijn verhaal gaat verder.
“In 2004, toen ik drie jaar als arts in een ziekenhuis werkte, begon ik met mijn organisatie ASOD. Ik wist altijd al dat ik kinderen met eenzelfde achtergrond als ik zou gaan helpen. Ik steunde toen weeskinderen door het schoolgeld voor hen te betalen, maar dit was niet genoeg. Ik wilde mijn eigen visie verwezenlijken: een duurzame oplossing. Samen met anderen kocht ik een school, maar een van de mede-investeerders bleek onbetrouwbaar en ging er met het geld vandoor. Ik moest het dus zelf doen. Ik zocht opnieuw naar een ruimte, maar eerst naar een plek waar de kinderen konden blijven, konden wonen. Ik had namelijk al achttien weeskinderen onder mijn hoede. Ik vond een klein huis, de allerkleinsten sliepen in de garage, de rest sliep binnen. Ik werkte in die tijd bijna 24 uur per dag.”

Hulp uit Nederland

“Ik zocht steun bij de overheid,” zegt John, “maar ze wilden geen opvang financieren. En op een gegeven moment had ik veertig kinderen, ik moest iets doen. Ik huurde een school zonder elektriciteit en startte gewoon. Maar ondertussen sliep ik niet van de drukte en de zorgen. Ik kon dit niet alleen. Ik zocht nachtenlang op internet en vroeg overal om hulp. Zo ook bij de organisatie VSO (Voluntary Services Oversea). VSO bood me geen geld, maar wel Marlies. Marlies bleef twee jaar bij ons en we hebben fantastisch samengewerkt en veel bereikt. Ook omdat ze van familie en fondsen geld kreeg. Hiermee kochten we ons eerste land. En na haar kwam Anouk, zij bleef drie maanden en bracht vijf computers mee. Dat heeft ons ook zo geholpen! Via Anouk kwam Robin en toen kwam Jan. Hij bleef het hele jaar en we deden hartstikke veel. Jan heeft me op het Tools To Work-pad gezet. Het leven werd beter. En helemaal toen ik in contact kwam met de Astrid Foundation. Deze stichting is een blijvende steun voor ASOD en zonder hen en al die andere Nederlanders waren we nooit zo ver gekomen. ASOD is ook een beetje van Nederland”, zegt hij vrolijk.

Toegerust

“Mede door deze Nederlandse steun was het voor mij het moment om ontslag te nemen als ziekenhuisarts. Ik had lang geprobeerd het allemaal te combineren, maar ook op mijn werk zagen ze dat mijn passie bij de weeskinderen lag en mijn werk soms in de knel kwam. Maar als ik echt mijn leven aan deze kinderen ging wijden, had ik meer en andere kennis en vaardigheden nodig. Ik schreef me in voor een master Social Work. Deze heb ik vijf jaar geleden behaald. Daarna ben ik de master Public Health gaan volgen. Een hele klus, maar nu ik ook deze heb afgerond, voel ik me meer toegerust.”

meisjes krijgen naailessendiploma-uitreikingVertrouwen

En nu? Vandaag de dag? ASOD heeft een mooie eigen school waar alle weeskinderen van John kunnen leren en wonen. “Hier komen ook kinderen die wel een eigen thuis hebben en die betalen gewoon schoolgeld”, zegt John. “Dit helpt. Daarnaast hebben we sinds drie jaar op een andere plek in Kampala een prachtig gebouw met klaslokalen voor jongeren die anders geen kansen hebben. Hier geven we korte trainingen en opleidingen. En hier zijn we dolgelukkig met het materiaal dat we van Tools To Work hebben gekregen. Binnenkort beginnen we dankzij Tools To Work met onze timmeropleiding.”

“Momenteel is het gemeenschapscentrum naast deze school in aanbouw. Als dat eenmaal klaar is, kunnen we nog meer activiteiten ondernemen en de buurt nog meer bij ons werk betrekken. En binnenkort gaat onze kliniek open. Hier kan iedereen komen en dan ben ik weer even de dokter.” Zijn ogen stralen als hij dit zegt. “Al het geld dat bij ons binnenkomt, blijft in de stichting. Ik werk hier weliswaar bijna dag en nacht, maar mijn inkomen komt van mijn eigen apotheek, die door personeel gedraaid wordt.”
En dan zegt John ineens overtuigend: “Eigenlijk weet ik nu dat ik alles kan. Ik heb zoveel meegemaakt en zoveel geleerd dat ik alle vertrouwen in mijzelf en in de toekomst heb. Ik ben niet meer klein te krijgen.”

Van Tools To Work ontvangen:

  • NAAIMACHINES: 18

  • GEREEDSCHAPSETS: 49

  • MACHINES: 20

  • FIETSEN: 15

  • IMPACT: scholing voor 250 jongeren per jaar

By | 2018-03-27T17:59:33+00:00 maart 15th, 2018|Verhalen|1 Comment

Geef een duurzaam vaderdag-cadeau!
en duurzaam vaderdag cadeau